« Terug naar overzicht
AL Algemeen

Wat als je jezelf niet leuk vindt?

Deze online module over negatief zelfbeeld is ontwikkeld voor kinderen van ± 8 tot 12 jaar die de overtuiging hebben opgedaan dat ze niks kunnen of niet de moeite waard zijn. Zo’n overtuiging ontstaat bijvoorbeeld door pesten, tegenvallende leerprestaties (bijvoorbeeld door dyslexie), in de steek gelaten zijn (door een van ouders, een vriendje) of ‘anders’ zijn (hoogbegaafd, overgewicht). HetLees meer...
€5,25Prijs per afname Voeg toe aan healthspace
Help een kind om weer positiever naar zichzelf te kijken.
Goos Griffioen
Auteur / Kinderpsychologe
Over de module

Module over negatief zelfbeeld voor kinderen van 8 - 12.

DoelgroepKind & Jeugd
Auteur

Goos Griffioen

ZorggebiedPOH GGZBasis GGZSpecialistische GGZ
Alle prijzen zijn inclusief btw
  • Beschrijving
  • Kenmerken
  • Opbouw

Deze online module over negatief zelfbeeld is ontwikkeld voor kinderen van ± 8 tot 12 jaar die de overtuiging hebben opgedaan dat ze niks kunnen of niet de moeite waard zijn. Zo’n overtuiging ontstaat bijvoorbeeld door pesten, tegenvallende leerprestaties (bijvoorbeeld door dyslexie), in de steek gelaten zijn (door een van ouders, een vriendje) of ‘anders’ zijn (hoogbegaafd, overgewicht). Het doel van de module is om het kind inzicht te geven in het effect van negatief denken over jezelf.

  • Inzetbaar voor slechts € 5,- per afname
  • Voor kinderen van 8 tot en met 12 jaar
  • Inclusief animatievideo’s en illustraties
  • Voor POH-GGZ, Basis GGZ en SGGZ
  • Relevant voor breed aantal probleemgebieden

De module bestaat uit 4 opdrachten:

Opdracht 1: We maken kennis met Sophie. Aan de hand van een animatievideo wordt uitgelegd hoe bij haar een negatief zelfbeeld is ontstaan. Het wordt duidelijk dat er sprake is van een vicieuze cirkel.

Opdracht 2: Het kind denkt na over zijn eigen negatieve gedachten en gedrag.

Opdracht 3: Het kind leert dat het ook anders kan. Met behulp van animatievideo's wordt getoond hoe positieve gedachtes gevoelens en gedrag kunnen beïnvloeden. De situatie van Sophie wordt daarbij als voorbeeld gebruikt.

Opdracht 4: In de laatste opdracht bedenkt het kind positieve gedachtes over zichzelf.